Samen groeien in gedrag en respect: het 4-lademodel uitgelegd.
Onze school streeft naar een veilig, verbindend en warm schoolklimaat.
Ons pedagogisch project leunt hier sterk bij aan: samen-positief-uniek-kijken.
We willen een school zijn waar kinderen zich thuis voelen, waar ze veilig kunnen opgroeien.
Op school werken we hiervoor al met veel en vaste routines, duidelijkheid en vaste structuren.
Onze school werkt aan een beleid met geweldloze communicatie, waarmee we pesten, onrespectvol gedrag en geweld willen uitsluiten of zo weinig mogelijk kans willen geven.
Conflicten zoals ruzie, pestgedrag, storend gedrag en geweld willen we in de kiem smoren.
Jammer genoeg hoort dit bij het leerproces en kunnen we conflicten niet wegdenken uit onze maatschappij.
Onze school schreef hiervoor een procedure uit, namelijk het 4-lademodel. Aan de hand van dit 4-lademodel willen we duidelijke grenzen aangeven aan leerlingen, leerkrachten en ouders. We willen onze leerlingen handvaten geven tot goed gedrag om op deze manier het positieve te benadrukken.
Onze school zet sterk in op luisteren naar elkaar, verdraagzaam leren zijn, eerlijkheid, ruzies leren oplossen, …
Wanneer het toch mis zou gaan, nemen we als school de rol van opvoeder mee op. Concreet beluisteren we alle betrokkenen, gaan we in dialoog met elkaar en proberen we samen tot oplossingen te komen. Samen met het schoolteam, de zorgcoördinatoren en de directie nemen we onze verantwoordelijkheden hierbij op.
Samen leggen we met onze leerlingen een weg af waarbij communicatie met ouders niet weggedacht kan worden.
Het 4-lademodel
Het schoolteam ging aan de slag om maatregelen en signalen bij een bepaalde vorm van ongewenst gedrag te plaatsen.
We sturen in dit systeem constant bij waar nodig.
Lade 1: GROEN- niet ernstig en éénmalige overtreding: waarschuwing.
Bij lichte overtredingen volstaat een korte opmerking. Leerlingen rustig wijzen op het naleven van de school- en klasafspraken.
vb. spelen in de toiletten, stil zijn in de rij, niet lopen in de gang, …
Lade 2: BLAUW-hinderlijke gewoontes, herhaaldelijke overtredingen: gewenst gedrag aanleren.
Als lichte overtredingen een slechte gewoonte blijken te zijn, is de strategie van het
waarschuwen niet meer voldoende. Ook aan waarschuwingen went een leerling als er verder geen gevolgen zijn. Het is doeltreffend om de overtredingen aan te pakken op maat van de leerling. Het besef van een leerling dat een leerkracht hem belangrijk vindt en persoonlijk wil helpen, is de beste drijfveer voor gewenst gedrag op school.
vb. : spuwen, bij de 2de bel in de rij, huiswerk maken, …
Lade 3: GEEL: ernstig éénmalige overtreding: altijd ‘straf’ als signaal.
Bij een ernstige overtreding is een duidelijke reactie noodzakelijk om aan te geven dat de situatie ernstig wordt genomen. Wanneer er fysieke, psychische of materiële schade is toegebracht, volgt een straf. Tegelijk wordt ingezet op begeleiding en herstel aan de hand van een gesprek en een herstelkaart. De leerling krijgt ondersteuning om inzicht te krijgen in de oorzaken van het gedrag en om vaardigheden aan te leren die herhaling kunnen voorkomen. Ouders worden steeds betrokken en geïnformeerd.
Vb.: spelmateriaal vernielen, duwen in de rij, kwetsende woorden zeggen, …
Lade 4: ROOD: veel voorkomende ernstige overtredingen: herstel eisen.
Wanneer een leerling opzettelijk en herhaald fysiek of psychisch schade toebrengt aan anderen of aan materiaal, nemen we dit ernstig. Naast een straf voorzien we ondersteuning en begeleiding, met aandacht voor herstel en het aanleren van nieuwe vaardigheden om toekomstig ongewenst gedrag te voorkomen. In uitzonderlijke situaties kan worden overgegaan tot schorsing of definitieve uitsluiting. Ouders worden steeds betrokken en op de hoogte gebracht.
vb.: vechten, vernielen van schoolmateriaal, uitschelden, …